Het Vluchtelingen verdrag om zeep geholpen

Hedenmorgen 19 mei 2017 Dagboek L.P. Dorenbos (2)

 

Vluchtelingen, Vreemdelingen

 

Het Vluchtelingen verdrag om zeep geholpen

 

In deze formatie impasse de rechten voor vluchtelingen en ongeborenen weer veiligstellen

 

Exodus 22:21

Gij zult ook den vreemdeling geen overlast doen, noch hem onderdrukken; want gij zijt vreemdelingen geweest in Egypteland.

 

Jeremia 7:6

De vreemdeling, wees en weduwe niet zult verdrukken, en geen onschuldig bloed in deze plaats vergieten; en andere goden niet zult nawandelen, ulieden ten kwade;

 

Door de eeuwen heen zijn er om wat voor reden mensen en volkeren op de vlucht. Waar moeten ze heen. Het volk Israël wist er alles van. Ze waren als gevolg van de hongersnood naar Egypte gevlucht. En daar zijn ze 430 jaar! vreemdelingen geweest. Totdat God ze met vaste hand uit Egypte geleid heeft naar het (Abraham, Izak en Jakob en hen) beloofde land Israël.

84 plaatsen in het Oude Testament herinnert God Israël eraan dat zij daarom om moeten zien naar de vreemdelingen in hun poorten: Exodus 22:21 Gij zult ook den vreemdeling geen overlast doen, noch hem onderdrukken; want gij zijt vreemdelingen geweest in Egypteland.

En als de vreemdelingen, de vluchtelingen, de ontheemden dan kwamen dan mochten ze niet verdrukt worden. Jeremia 7:6: De vreemdeling, wees en weduwe zult gij niet verdrukken, en geen onschuldig bloed in deze plaats vergieten; en andere goden zult gij niet nawandelen, ulieden ten kwade. En de zorg voor de vreemdeling gaat nog verder, lees Leviticus 25:35:

En als uw broeder zal verarmd zijn, en zijn hand bij u wankelen zal, zo zult gij hem vasthouden, zelfs een vreemdeling en bijwoner, opdat hij bij u leve. 84 keer wordt in het Oude Testament over vreemdelingen gesproken.

 

 

Nederland staat door de eeuwen heen bekend als een land waar vreemdelingen, vervolgden en vluchtelingen welkom waren. Hoeveel Hugenoten zijn er niet gevlucht uit Frankrijk toen zij daar door de vervolging moesten vluchten. En toen de Joden nadat de Mohammedanen verdreven waren uit Spanje in 1492 door de katholieke heersers vervolgd werden vluchtten zij naar het gastvrije Nederland en vestigden ze zich in bijvoorbeeld de Amsterdamse Jordaan en bouwden hun synagoges zoals de grootste Europese synagoge de Portugese Synagoge in Amsterdam. En toen de Pilgrimfathers het in Engeland te moeilijk kregen vonden ze onderdak in Leiden om later via Delfshaven met het schip de Mayflower koers te zetten naar het vrije Amerika. Het is goed om onze vaderlandse geschiedenis er op na te slaan om terug te denken hoe vanuit ons Calvinistisch geloof en denken we leerden om zorg te dragen voor de weduwe en de wees, de vreemdeling en de armen. En hoeveel zegen heeft het hen, maar ook ons gebracht. Dit Bijbels uitgangspunt staat ook vandaag als een huis. We mogen dan ook dankbaar zijn in een land te mogen wonen waar deze uitgangspunten in de ontwikkeling van onze civil society in wet en regelgeving zo sterk verankerd zijn en worden dat we voor nagenoeg alle noden een weg hebben gevonden ter oplossing. Zeker ook voor alle regelgeving voor de hedendaagse vreemdelingen in onze poort. Het lijkt haast zo vanzelfsprekend dat we het de gewoonste zaak van de wereld vinden.

 

 

Door de ontrafeling van het Midden Oosten in de recente decennia zijn gigantische vluchtelingen stromen op gang gekomen. Miljoenen zijn van huis en haard verdreven en worden zo goed en zo kwaad als het kan opgevangen in vluchtelingen kampen in min of meer vredige regio’s in eigen land of in naburige landen. De UNCHR telt nu 65 miljoen ontheemden waarvan 21 miljoen vluchtelingen. Elke dag komen daar 34.000 bij. Zij die het kunnen bekostigen probeerden naar het rijke, welvarende, ‘gastvrije’ West-Europa te vluchten. Grote stromen kwamen op gang. Vooral Duitsland was hun reisdoel. De Duitse Bondskanselier Angela Merkel zette onder de slogan ‘‘Wir schaffen das’ de grenzen uitnodigend open. Zelfs jarenlang geleden te hebben onder de Russische bezetting van Oost Duitsland waar ze geboren is, verwachtte ze een welkom houding van de Duitse burgers. Het verzet tegen haar beleid gevoed door de haast onmogelijke organisatorische problemen noopten om politiek de toestroom in te dammen. De Brusselse organen van de Europese Gemeenschap zorgden voor zoveel zand en onenigheid in de Europese raderen dat duizenden vluchtelingen tussen wal en het schip kwamen. Met de Turkije deal waarbij de vluchtroute via Turkije werd geblokkeerd bleef alleen de gevaarlijke route over de Middellandse Zee open. Mensen smokkelaars stouwen de meestal gammele bootjes overvol wetend dat bij enige golfslag de ‘passagiers’ zullen verdrinken. Vele duizenden zijn reeds omgekomen en komen om. Tot nu toe weigert de Europese Gemeenschap in hun stroperige onbesluitvaardigheid om in ieder geval te zorgen dat geen van deze vluchtelingen kan verdrinken. Opvang meteen in de internationale wateren ligt voor de hand. Met tegelijkertijd een harde aanpak van de mensensmokkelaars en criminaliteitsbende. Het bestaande Internationale Vluchtelingen verdrag wordt om zeep geholpen. Op grond van dit verdrag heeft elk persoon het recht in andere landen asiel te zoeken en te genieten tegen vervolging. Het verbiedt de asielzoekers uit te wijzen of terug te sturen naar het land van herkomst indien zij het risico lopen vervolgd te worden. Nederland dobbert mee op deze Europese verdrinkings golven en maakt zich verantwoordelijk voor het vermoordend omkomen van weer zoveel vluchtelingen.

 

 

 

In Nederland woedt een hevige politieke strijd om te komen tot de vorming van een nieuw kabinet na de Tweede Kamer Verkiezingen van 15 maart 2017. De eerste poging tussen VVD, CDA, D66 en Groen Links is vastgelopen op met name het dossier migratie. Groen Links voert een beleid met een ruimhartige toegang van vluchtelingen. VVD en CDA willen beperkte opvang maar grote nadruk op opvang in de regio’s waar de vluchtelingen vandaan komen. D66 zit daar tussenin en hunkert naar kabinetsdeelname. Er heerst nu een patstelling. Voor een volgende poging zou de ChristenUnie aan de beurt kunnen zijn. Verwacht mag worden dat de CU de Bijbelse uitgangspunten als het gaat om vluchtelingen hoog in haar vaandel heeft. Van het CDA zou een meer Bijbelse notie verwacht moeten kunnen worden. De VVD wil de problematiek zoveel mogelijk buiten de deur houden. Met de hete adem in de nek van een anti Islam, vluchtelingen PVV. De SP sluit regeren met de VVD uit, maar gezien de non-winst die dat opgeleverd heeft, heeft dat weinig politieke draagkracht meer. Het feit dat D66 probeert de CU weg te schuiven heeft enkel te maken met het feit dat deze partij evenals de SGP niet mee zal gaan met hun slogan om met ‘Voltooid Leven’ ouderen met behulp van ‘stervensbegeleiders’ een pil te geven om een einde aan hun leven te maken als vervolg op de 1,2 miljoen afgebroken ongeboren levens waarvan wij met de Wet afbreking (!) zwangerschap van 1981 het leven al als ‘voltooid’ hebben beschouwd.

 

 

 

Naast de opdracht om om te zien naar de vreemdelingen roept de Bijbel in dezelfde zin ook onophoudelijk op om te stoppen met het vergieten van onschuldig bloed in welke vorm dan ook, maar zeker dat van ongeboren medeburgers. Lees o.a. bij de profeet in Jeremia 7:6: ‘De vreemdeling, wees en weduwe zult gij niet verdrukken, en geen onschuldig bloed in deze plaats vergieten; en andere goden zult gij niet nawandelen, ulieden ten kwade’. Omdat Israël onschuldig bloed van kinderen in de Moloch afgodsdienst bleef vergieten zijn ze tot op vandaag in ballingschap. Zolang wij met abortus onschuldig bloed blijven vergieten zal dit bloed van onze hand geëist worden. God zegt in Genesis 9:6 ‘Wie des mensen bloed vergiet, zijn bloed zal door den mens vergoten worden; want God heeft den mens naar Zijn beeld gemaakt’. Ook zij die deze geloofswaarheden (nog) niet mee kunnen maken, zullen inzien dat het met voorbedachten rade doden van een ongeboren leven inderdaad ‘vergieten van onschuldig bloed’ is. En zolang abortus als uitzondering is aangemerkt in ons Wetboek van Strafrecht spreken we over doodslag (Artikel 296 lid 1 en lid 5). Het is goed om de nadruk te leggen op de rechten van de mens en de vrouw, maar het is juridisch en moreel onjuist om de in de wetten genoemde rechten van het (ongeboren) kind te negeren. De rechten van de vluchtelingen moeten m/weer gewaarborgd worden, maar evenzeer de rechten van het (on)geboren kind. Het moet mogelijk zijn om door de vaak emotionele passie heen te breken om deze juridische veiligstelling te handhaven, zoals ook in onze Grondwet en de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens al zoveel jaren (eeuwen) is vastgelegd. Bij de huidige politieke constellatie is er alle reden en noodzaak in de nood van deze tijd uit te stijgen boven de soms ingegraven politieke stellingnames. En het geheim voor wie het vat is dat gebed de kracht is die dit mogelijk maakt. Moge de formatie impasse doorbroken worden en de rechten voor vluchtelingen en ongeborenen weer veilig gesteld worden.

 

Drs. L.P. Dorenbos

www.schreeuwomleven.nl

www.woonbijbel.nl

www.knierevolutie.nl

 

19 mei 2017

 

bijlage

Strafrecht en abortus

 

L.P. Dorenbos, Schreeuw om Leven, dorenbos@schreeuwomleven.nl 0651199125

 

Op het terrein van het strafrecht zijn twee artikelen van belang voor de abortuspraktijk. Dit zijn art. 82a en 296 Sr.

 

In art. 82a staat het volgende te lezen:

‘Onder een ander, of een kind bij of kort na de geboorte, van het leven beroven wordt begrepen: het doden van een vrucht die naar redelijkerwijs verwacht mag worden in staat is buiten het moederlichaam in leven te blijven.’

Art. 296 lid 1 Sr luidt:

'Hij die een vrouw een behandeling geeft, terwijl hij weet of redelijkerwijs moet vermoeden dat daardoor de zwangerschap kan worden afgebroken, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste vier jaar en zes maanden of geldboete van de vierde categorie.'

In de leden 2 tot 4 staan strafverzwarende omstandigheden ingeval het feit de dood van de vrouw tot gevolg heeft, de vrouw geen toestemming heeft verleend of het geval dat toestemming ontbreekt en eveneens het feit de dood van de vrouw tot gevolg heeft.

In het vijfde lid staat een strafuitsluitingsgrond voor het geval een feit als in art. 296 lid 1 omschreven, is begaan in het kader van de Wafz.

 

–------------------------------------------------------

Het doden van een ongeboren kind is doodslag en verboden.

 

Een uitzondering hierop is gemaakt in geval van abortus in het kader van de Wet afbreking zwangerschap.

 

Art. 296 lid 1 Wetboek van Strafrecht luidt:

'Hij die een vrouw een behandeling geeft, terwijl hij weet of redelijkerwijs moet vermoeden dat daardoor de zwangerschap kan worden afgebroken, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste vier jaar en zes maanden of geldboete van de vierde categorie.'

Art. 296 lid 5 Wetboek van Strafrecht luidt:

Het in het eerste lid bedoelde feit is niet strafbaar, indien de behandeling is verricht door een arts in een ziekenhuis of kliniek waarin zodanige behandeling volgens de Wet afbreking zwangerschap mag worden verricht.

–---------------------------------------------------------------------

Wetboek van Strafrecht

Artikel 296

 

1. Hij die een vrouw een behandeling geeft, terwijl hij weet of redelijkerwijs moet vermoeden dat daardoor zwangerschap kan worden afgebroken, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste vier jaar en zes maanden of geldboete van de vierde categorie.

2. Indien het feit de dood van de vrouw ten gevolge heeft, wordt gevangenisstraf van ten hoogste zes jaren opgelegd of geldboete van de vierde categorie.

3. Indien het feit is begaan zonder toestemming van de vrouw, wordt gevangenisstraf van ten hoogste twaalf jaren opgelegd of geldboete van de vijfde categorie.

4. Indien het feit is begaan zonder toestemming van de vrouw en tevens haar dood ten gevolge heeft, wordt gevangenisstraf van ten hoogste vijftien jaren opgelegd of geldboete van de vijfde categorie.

5. Het in het eerste lid bedoelde feit is niet strafbaar, indien de behandeling is verricht door een arts in een ziekenhuis of kliniek waarin zodanige behandeling volgens de Wet afbreking zwangerschap mag worden verricht.

–------------------------------------------------------------------------------------

Tekst Wet afbreking zwangerschap

Artikel 5

1.Bij algemene maatregel van bestuur worden eisen gesteld met betrekking tot hulpverlening en besluitvorming, welke erop zijn gericht te verzekeren dat iedere beslissing tot het afbreken van zwangerschap met zorgvuldigheid wordt genomen en alleen dan uitgevoerd, indien de noodsituatie van de vrouw deze onontkoombaar maakt.

2.Deze eisen strekken er met name toe te verzekeren:

a. dat de vrouw die het voornemen heeft tot afbreking van zwangerschap en zich met een daartoe strekkend verzoek tot de arts heeft gewend, wordt bijgestaan, in het bijzonder door het verstrekken van verantwoorde voorlichting over andere oplossingen van haar noodsituatie dan het afbreken van de zwangerschap;

b.dat de arts, indien de vrouw van oordeel is dat haar noodsituatie niet op andere wijze kan worden beëindigd, zich ervan vergewist dat de vrouw haar verzoek heeft gedaan en gehandhaafd in vrijwilligheid, na zorgvuldige overweging en in het besef van haar verantwoordelijkheid voor ongeboren leven en van de gevolgen voor haarzelf en de haren;

c.dat, onverminderd het bepaalde in artikel 20, de arts de behandeling slechts verricht indien deze op grond van zijn bevindingen verantwoord is te achten;

d.dat na afbreking van de zwangerschap een genoegzame nazorg voor de vrouw en de haren beschikbaar is, mede in de vorm van voorlichting over methoden ter voorkoming van ongewenste zwangerschap.